荷兰语语法:行为和状态 vs zijn和hebben

2010-03-23 09:47 外语学习记忆 手机版

 


 
(一)

 

 

 


表示行动或状态的动词如:“komen” (来), “gaan”(去), “worden”(变成), gebeuren”(发生) “zijn”(是)等,还有其它动词像“fietsen(骑自行车)”, “zwemmen”(游泳), “rijden”(开车), “vertrekken”(离开),“lopen”(步行)等, 如果它们表达的是到达某目的地的动作,则用“zijn”做助动词。

 

 

 


(二)

 

 

 


不好分清时,记住行为用hebben,状态用zijn。此时状态包括:行动到某个目标或改变状态。

 

 

 


(三)

 

 

 


有些动词既可表示行为,也可以表示状态,如lopen, rijden 和 fietsen,若目的地已经指明,且到达此目的地需要行为,则用 zijn。请看:

 

 

 


Zij heeft langzaam gelopen. 她慢慢地步行。(行为)

 


Zij is naar het station gelopen. 她步行去车站了。(状态)

 

 

 


(四)

 

 

 


状态还是行为?

 

 

 


状态 (situation)

 

 

 


ik ben gekomen

 


jij bent gekomen

 


hij is gekomen

 


wir zijn gekomen

 


jullie zijn gekomen

 


zij zijn gekomen

 

 

 


ik ben gegaan

 


jij bent gegaan

 


hij is gegaan

 


wij zijn gegaan

 


jullie zijn gegaan

 


zij zijn gegaan

 

 

 


De trein is vertrokken. (火车离开了)

 


Het is gebeurd. (事情发生了)

 


Er is koud geworden(天气变冷了)

 


Hij is geboren (他出生了)

 


Hij is gestorven (他死了)

 


Zij is getrouwd (她结婚了)

 

 

 


行为 vs 状态

 

 

 


Ik heb gefietst

 


我骑了自行车

 


Ik ben naar huis gefietst

 


我骑自行车回家了

 

 

 


Hij heeft gelopen

 


他步行了

 


Hij is naar Amsterdam gelopen

 


他步行去阿姆斯特丹了
 
 


本文来自:全脑学习网 http://www.51zd.net/waiyu/waiyujiyi/15117.html